Er is een ruimte ergens boven waar totale leegte is.
Beneden is de drukte en de waan van de dag met zijn enorme aantrekkingskracht.
Maar altijd is die oneindige ruimte er. Altijd dichtbij.
Eigenlijk is er geen trap nodig, want die kamer zit altijd tussen alles in.
Tussen hier en niet hier. Tussen zijn en niet zijn.
Daar opent de deur…..
Als je er uit gaat ben je er ook weer in.
Je kunt nergens heen, omdat je overal al bent!
